Onze morele voorouders: de dieren
Frans de Waal voert verrassend onderzoek naar de menselijke moraal Freud en Dawkins zitten er compleet naast wanneer ze stellen dat onze moraal een overwinning is op ons dierlijke instinct, beweert etholoog Frans de Waal in zijn nieuwe boek. Integendeel, we hebben onze moraal gewoon geërfd van de dieren.
Door Marnix Verplancke
W e kennen ze allemaal, de wetenschappelijke tv-programma's waarin chimpansees getoond worden die kunnen rekenen of die de juiste blokjes in de passende vormpjes duwen. Kijk eens, hoe intelligent, is dan de onderliggende boodschap, en daar zal wel iets van aan zijn, ware het niet dat rekenen voor een chimpansee die in het wild leeft niet echt tot de dagelijkse bezigheden behoort natuurlijk. Wanneer we het over mensen hebben weten we allang dat er zoiets bestaat als sociale intelligentie, het vermogen om zich door middel van inleving en begrip in een groep te bewegen en zo veiligheid en waardering in de plaats te krijgen. Sociaal contact is levensnoodzakelijk voor ons. Het is niet toevallig dat de ergst denkbare straf, na de doodstraf misschien, eenzame opsluiting is. Ontzeg een mens sociaal contact en hij wordt depressief of ziek. Bij dieren wordt er slechts mondjesmaat wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de rol die sociale intelligentie speelt in hun leven. Ze worden al te vaak als individu bestudeerd en niet als lid van een gemeenschap, maar het is nochtans in die gemeenschap dat ze hun ware intelligentie laten zien, want dieren die sociaal zijn en opkomen voor elkaar hebben meer kans om te overleven.
Toen het Amerikaanse blad Time eerder dit jaar zijn lijst met de honderd invloedrijkste mensen van 2007 bekendmaakte bleek daar een Nederlander op te staan - en geen Belg, maar dat is een andere zaak. Frans de Waal, de psycholoog en etholoog die inmiddels al 21 jaar in de VS woont en dus toch ook een beetje een Amerikaan is, werd er geroemd om zijn onderzoek naar empathie bij apen. De Waal is immers een man die wel degelijk beseft dat dieren sociaal intelligent kunnen zijn, meer zelfs, volgens hem kunnen we in dierengemeenschappen aanzetten tot cultuur en moraal herkennen. Terwijl hij in een vorig boek, De aap en de sushimeester focuste op de cultuur, richt hij in het nieuwe De aap en de filosoof zijn aandacht op de moraal.
Morele oordelen
Traditioneel wordt moraal gezien als iets wat alleen bij mensen voorkomt. Je moet er immers rationeel voor kunnen denken en alternatieven tegenover elkaar afwegen. In de praktijk blijkt daar echter niet veel van overeind te blijven. Morele oordelen zijn niet rationeel. We gebruiken onze rationaliteit alleen om onze oordelen achteraf te rechtvaardigen. Stel dat een buitenaards wezen op aarde landt en ons opdraagt de eerste de beste man met een griepje een kogel door de kop te jagen. Kijk, zou het wezen zeggen, door die zieke uit zijn lijden te verlossen, zorg je ervoor dat hij die griep niet kan doorgeven aan talloze anderen, waardoor je misschien wel een hele resem levens redt. Zuiver rationeel zit daar wel iets in, maar je zult ver moeten zoeken naar de man of vrouw die daarom het geweer ter hand zal nemen.
Uit hersenscans is gebleken dat bij het vellen van morele oordelen heel oude hersengebieden actief zijn die we delen met onze verre, dierlijke voorouders. Evolutie is een additief gegeven. Naarmate dieren evolueren worden er eigenschappen toegevoegd, zonder dat de vorige volledig verdwijnen. Slangen bezitten bijvoorbeeld resten van een bekken en onder de huid van walvissen treffen we piepkleine overblijfselen van beenbotjes aan. Volgens de Waal is onze moraal net zoiets. Wij hebben die niet 'uitgevonden' toen we rationele wezens werden, hij is mee geëvolueerd en vindt zijn oorsprong in de dierlijke empathie die we nu nog steeds kunnen opmerken bij apen en mensapen.
Experimenten
Er zijn al veel experimenten gedaan om dit aan te tonen en wellicht de extreemste proef, die vandaag precies om morele redenen niet meer herhaald kan worden, werd zo'n halve eeuw geleden uitgevoerd. Men plaatste twee resusapen in een kooi. De ene aap kreeg een hendel; wanneer hij eraan trok kreeg hij voedsel. Maar tegelijk kreeg zijn compagnon naast hem een elektrische schok, zodat hij het uitschreeuwde van de pijn. Was de aap met de hendel een stom beest geweest dat alleen aan zijn eigen welzijn dacht, dan had hem dat allemaal geen flikker kunnen schelen en had hij zich lekker vet gevreten, maar dat was helemaal niet wat er gebeurde. De hendel werd onberoerd gelaten, in één geval zelfs twaalf dagen lang. De aap ging dus spontaan in 'hongerstaking' omdat hij zijn soortgenoot geen pijn wou berokkenen.
Dierlijke empathie
Apen blijken elkaar frequent te troosten en zijn vaker bereid hun voedsel te delen met iemand die hen recent gevlooid heeft dan met zomaar een vreemde passant. In de zoo van Arnhem maakte men een tijd geleden zelfs nog iets straffers mee. Nadat de oppassers het chimpanseeverblijf hadden gereinigd, waarbij ze de autobanden die als speeltjes dienen voor de apen allemaal afgewassen hadden en ze nadien over een boomtak te drogen hadden gehangen, zagen ze dat een vrouwtje het gemunt had op een plas water die in zo'n band was achtergebleven. Ze trok aan het ding en probeerde het van de tak te krijgen, maar aangezien er zes andere banden in de weg zaten, lukte dat niet. Toen ze het opgegeven had, ging haar kleine neefje een kijkje nemen. Hij legde de zes banden een voor een op de grond, hief vervolgens de door zijn tante gewenste band over de tak heen en droeg hem naar haar, waarna zij meteen het water met haar hand in haar mond begon te scheppen. Volgens de Waal mogen we ons hier niet blindstaren op de goede daad van de jonge chimpansee, maar moeten we ons daarentegen afvragen wat hij precies gedaan heeft. Het dier moest immers een perfect inzicht hebben in de beweegredenen van zijn tante alvorens het haar te hulp kon schieten. Het beschikte dus over de empathie om zich in te leven in zijn tante.
Darwin achterna
Volgens De Waal kunnen we niet zeggen dat primaten morele wezens zijn, daarvoor zijn hun morele emoties nog te veel op het eigen ego gericht, maar ze dragen wel de kiemen van de moraal in zich. Kapucijnaapjes vinden het bijvoorbeeld oneerlijk wanneer de een een grotere beloning krijgt dan de ander, maar daarom zullen ze zelf nog niet meteen die grotere beloning met een ander delen. Om aan te tonen hoe de dierlijke morele emoties zich verhouden tot de menselijke moraal, gebruikt de Waal graag het beeld van de Russische matroesjkapoppen. De dierlijke morele emoties zou je de kern kunnen noemen, waarna er door de evolutie heen steeds grotere poppen omheen gegroeid zijn.
Frans de Waal gaat met zijn idee van dierlijke empathie regelrecht in tegen de populaire voorstelling van de mens als een wolf onder de wolven wiens moreel gedrag slechts een vernislaagje is. Moraal wordt dan nogal eens gezien als een menselijke overwinning op onze dierlijke aard. De beschaving ontstaat pas wanneer de mens het instinct afwijst door de beheersing van de natuur en de ontwikkeling van een cultureel superego, drukte Freud het bijvoorbeeld uit. En zelfs Richard Dawkins beschreef in Het zelfzuchtige gen nog hoe de mens door zijn moraal het enige wezen is dat zich tegen de gang van de evolutie kan verzetten. Fout, aldus de Waal. De menselijke moraal is precies het gevolg van die evolutie, een stelling waarin hij zich trouwens gesteund weet door de godfather van de evolutietheorie zelve: Charles Darwin, die er in The Descent of Man geen doekjes om wond en ronduit stelde dat moraliteit ondubbelzinnig tot de menselijke natuur behoorde.
Frans de Waal
De aap en de filosoof, hoe de moraal is ontstaan
Contact, Amsterdam, 227 p., 22,90 euro.
© 2007 De Persgroep Publishing
Publicatie: De Morgen
Publicatiedatum: 5 december 2007
Auteur: Marnix Verplancke
W e kennen ze allemaal, de wetenschappelijke tv-programma's waarin chimpansees getoond worden die kunnen rekenen of die de juiste blokjes in de passende vormpjes duwen. Kijk eens, hoe intelligent, is dan de onderliggende boodschap, en daar zal wel iets van aan zijn, ware het niet dat rekenen voor een chimpansee die in het wild leeft niet echt tot de dagelijkse bezigheden behoort natuurlijk. Wanneer we het over mensen hebben weten we allang dat er zoiets bestaat als sociale intelligentie, het vermogen om zich door middel van inleving en begrip in een groep te bewegen en zo veiligheid en waardering in de plaats te krijgen. Sociaal contact is levensnoodzakelijk voor ons. Het is niet toevallig dat de ergst denkbare straf, na de doodstraf misschien, eenzame opsluiting is. Ontzeg een mens sociaal contact en hij wordt depressief of ziek. Bij dieren wordt er slechts mondjesmaat wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de rol die sociale intelligentie speelt in hun leven. Ze worden al te vaak als individu bestudeerd en niet als lid van een gemeenschap, maar het is nochtans in die gemeenschap dat ze hun ware intelligentie laten zien, want dieren die sociaal zijn en opkomen voor elkaar hebben meer kans om te overleven.
Toen het Amerikaanse blad Time eerder dit jaar zijn lijst met de honderd invloedrijkste mensen van 2007 bekendmaakte bleek daar een Nederlander op te staan - en geen Belg, maar dat is een andere zaak. Frans de Waal, de psycholoog en etholoog die inmiddels al 21 jaar in de VS woont en dus toch ook een beetje een Amerikaan is, werd er geroemd om zijn onderzoek naar empathie bij apen. De Waal is immers een man die wel degelijk beseft dat dieren sociaal intelligent kunnen zijn, meer zelfs, volgens hem kunnen we in dierengemeenschappen aanzetten tot cultuur en moraal herkennen. Terwijl hij in een vorig boek, De aap en de sushimeester focuste op de cultuur, richt hij in het nieuwe De aap en de filosoof zijn aandacht op de moraal.
Morele oordelen
Traditioneel wordt moraal gezien als iets wat alleen bij mensen voorkomt. Je moet er immers rationeel voor kunnen denken en alternatieven tegenover elkaar afwegen. In de praktijk blijkt daar echter niet veel van overeind te blijven. Morele oordelen zijn niet rationeel. We gebruiken onze rationaliteit alleen om onze oordelen achteraf te rechtvaardigen. Stel dat een buitenaards wezen op aarde landt en ons opdraagt de eerste de beste man met een griepje een kogel door de kop te jagen. Kijk, zou het wezen zeggen, door die zieke uit zijn lijden te verlossen, zorg je ervoor dat hij die griep niet kan doorgeven aan talloze anderen, waardoor je misschien wel een hele resem levens redt. Zuiver rationeel zit daar wel iets in, maar je zult ver moeten zoeken naar de man of vrouw die daarom het geweer ter hand zal nemen.
Uit hersenscans is gebleken dat bij het vellen van morele oordelen heel oude hersengebieden actief zijn die we delen met onze verre, dierlijke voorouders. Evolutie is een additief gegeven. Naarmate dieren evolueren worden er eigenschappen toegevoegd, zonder dat de vorige volledig verdwijnen. Slangen bezitten bijvoorbeeld resten van een bekken en onder de huid van walvissen treffen we piepkleine overblijfselen van beenbotjes aan. Volgens de Waal is onze moraal net zoiets. Wij hebben die niet 'uitgevonden' toen we rationele wezens werden, hij is mee geëvolueerd en vindt zijn oorsprong in de dierlijke empathie die we nu nog steeds kunnen opmerken bij apen en mensapen.
Experimenten
Er zijn al veel experimenten gedaan om dit aan te tonen en wellicht de extreemste proef, die vandaag precies om morele redenen niet meer herhaald kan worden, werd zo'n halve eeuw geleden uitgevoerd. Men plaatste twee resusapen in een kooi. De ene aap kreeg een hendel; wanneer hij eraan trok kreeg hij voedsel. Maar tegelijk kreeg zijn compagnon naast hem een elektrische schok, zodat hij het uitschreeuwde van de pijn. Was de aap met de hendel een stom beest geweest dat alleen aan zijn eigen welzijn dacht, dan had hem dat allemaal geen flikker kunnen schelen en had hij zich lekker vet gevreten, maar dat was helemaal niet wat er gebeurde. De hendel werd onberoerd gelaten, in één geval zelfs twaalf dagen lang. De aap ging dus spontaan in 'hongerstaking' omdat hij zijn soortgenoot geen pijn wou berokkenen.
Dierlijke empathie
Apen blijken elkaar frequent te troosten en zijn vaker bereid hun voedsel te delen met iemand die hen recent gevlooid heeft dan met zomaar een vreemde passant. In de zoo van Arnhem maakte men een tijd geleden zelfs nog iets straffers mee. Nadat de oppassers het chimpanseeverblijf hadden gereinigd, waarbij ze de autobanden die als speeltjes dienen voor de apen allemaal afgewassen hadden en ze nadien over een boomtak te drogen hadden gehangen, zagen ze dat een vrouwtje het gemunt had op een plas water die in zo'n band was achtergebleven. Ze trok aan het ding en probeerde het van de tak te krijgen, maar aangezien er zes andere banden in de weg zaten, lukte dat niet. Toen ze het opgegeven had, ging haar kleine neefje een kijkje nemen. Hij legde de zes banden een voor een op de grond, hief vervolgens de door zijn tante gewenste band over de tak heen en droeg hem naar haar, waarna zij meteen het water met haar hand in haar mond begon te scheppen. Volgens de Waal mogen we ons hier niet blindstaren op de goede daad van de jonge chimpansee, maar moeten we ons daarentegen afvragen wat hij precies gedaan heeft. Het dier moest immers een perfect inzicht hebben in de beweegredenen van zijn tante alvorens het haar te hulp kon schieten. Het beschikte dus over de empathie om zich in te leven in zijn tante.
Darwin achterna
Volgens De Waal kunnen we niet zeggen dat primaten morele wezens zijn, daarvoor zijn hun morele emoties nog te veel op het eigen ego gericht, maar ze dragen wel de kiemen van de moraal in zich. Kapucijnaapjes vinden het bijvoorbeeld oneerlijk wanneer de een een grotere beloning krijgt dan de ander, maar daarom zullen ze zelf nog niet meteen die grotere beloning met een ander delen. Om aan te tonen hoe de dierlijke morele emoties zich verhouden tot de menselijke moraal, gebruikt de Waal graag het beeld van de Russische matroesjkapoppen. De dierlijke morele emoties zou je de kern kunnen noemen, waarna er door de evolutie heen steeds grotere poppen omheen gegroeid zijn.
Frans de Waal gaat met zijn idee van dierlijke empathie regelrecht in tegen de populaire voorstelling van de mens als een wolf onder de wolven wiens moreel gedrag slechts een vernislaagje is. Moraal wordt dan nogal eens gezien als een menselijke overwinning op onze dierlijke aard. De beschaving ontstaat pas wanneer de mens het instinct afwijst door de beheersing van de natuur en de ontwikkeling van een cultureel superego, drukte Freud het bijvoorbeeld uit. En zelfs Richard Dawkins beschreef in Het zelfzuchtige gen nog hoe de mens door zijn moraal het enige wezen is dat zich tegen de gang van de evolutie kan verzetten. Fout, aldus de Waal. De menselijke moraal is precies het gevolg van die evolutie, een stelling waarin hij zich trouwens gesteund weet door de godfather van de evolutietheorie zelve: Charles Darwin, die er in The Descent of Man geen doekjes om wond en ronduit stelde dat moraliteit ondubbelzinnig tot de menselijke natuur behoorde.
Frans de Waal
De aap en de filosoof, hoe de moraal is ontstaan
Contact, Amsterdam, 227 p., 22,90 euro.
© 2007 De Persgroep Publishing
Publicatie: De Morgen
Publicatiedatum: 5 december 2007
Auteur: Marnix Verplancke