Als verzuiling macht wordt
Zes hoogleraren aan de VUB zijn behoorlijk boos op Mieke Van Hecke die vindt dat laatstejaars uit het vrij onderwijs geen informatie moeten krijgen over de Brusselse universiteit. 'Er is geen enkele reden om publieke gelden te stoppen in sectaire en particuliere projecten.'
In De Standaard van 3 december 2007 opende een artikel met als titel 'Geen
info over de VUB, dat is maar normaal' als volgt: 'Dat de laatstejaars
die over hun verdere studiekeuze nadenken, verstoken blijven van
informatie over de vrijzinnige VUB vindt Mieke Van Hecke,
directeur-generaal van het katholieke onderwijs, niet meer dan
normaal.' Voor Mieke Van Hecke lijkt kwaliteit bijgevolg geen
doorslaggevend element in de keuze van een universiteit of een
hogeschool. Wat doorweegt, is 'dat we op zoek gaan naar hogescholen en
universiteiten die onze waarden delen'. De vraag is natuurlijk in
hoeverre 'waarden' verenigbaar zijn met de kwaliteit van onderwijs en
onderzoek. Was het niet Galilei die de gevolgtrekkingen uit zijn
experimentele waarnemingen moest inslikken voor een kerkelijk tribunaal
dat tot taak had de waarheden in de pas te doen lopen van de waarden?
Het voorval drukte symbolisch uit hoe sterk het ontwikkelen van
wetenschappelijke kennis verschilt en moet verschillen van het
koesteren van waarden en het toetreden tot een geloof. De scheiding van
wetenschappelijke onderzoek, het voeren van politiek en het belijden
van geloof - die elk beantwoorden aan andere criteria - is door de
eeuwen heen geëvolueerd tot een van de belangrijkste garanties van de
rijkdom van de westerse civilisatie. De verklaringen van Mieke Van
Hecke en vooral de nieuwe richtlijnen van het Vaticaan zijn dan ook
zorgwekkend in de mate dat zij die fragiele evenwichten ongegeneerd van
tafel vegen. De katholieke waarden lijken opnieuw te prevaleren op de
kwaliteit van het onderwijs en de wetenschappelijke kennis, in de mate
zelfs dat het kennisnemen van de programma's van niet-katholieke
onderwijsinstellingen aan de leerlingen van het katholiek secundair
onderwijs wordt ontzegd. Dit alles is des te zorgwekkender omdat deze
uitspraken niet alleen staan. In Vlaanderen zijn het 'creationisme' en
de 'intelligent design' aan een opgang bezig. En wat te denken van het
feit dat de rectoren van de Belgische Katholieke universiteiten zich,
niet eens zo lang geleden, inzake onderzoeksgerelateerde bio-ethische
kwesties bij de paus moesten verantwoorden? Het voorgaande plaatst
ernstige vraagtekens bij de verzuiling van wetenschap en onderwijs.
Maar naast deze gevaarlijke injectie van de katholieke waarden in de
sfeer van wetenschap en onderwijs, speelt nog een andere factor een
belangrijke rol. Die factor heet 'macht', zelfs al noemt Mieke Van
Hecke het eufemistisch 'normale verzuiling'. Inderdaad: sinds de
vorming van de universitaire associaties op basis van levensbeschouwing
heeft de verzuiling effectief weer haar intrede gedaan in het hoger
onderwijs in Vlaanderen. De katholieke hogescholen horen bij Leuven,
onafhankelijk waar ze gevestigd zijn, wat maakt dat de Leuvense
associatie zich, gesteund door het katholieke establishment, heeft
ontwikkeld tot een netwerk dat heel Vlaanderen bedekt. Voor de hand
liggende samenwerkingsverbanden, zoals bijvoorbeeld tussen de VUB en
KUB, werden streng gekapitteld. 'Waarom wordt er over verzuiling zo
negatief gedaan?', klinkt dan, gegeven de machtsverhoudingen, een
beetje raar, zeg maar 'tsjeverig'. 'Normale verzuiling' wordt dan een
schroomloze bulldozer in een landschap van fijne door de geschiedenis
geweven evenwichten. 'Een open, katholieke zuil is toch geen probleem?'
Natuurlijk is openheid geen probleem. Dat een school verankert in zijn
buurt, dorp, stad of regio is evident. Maar een zuil die bewust zijn
leerlingen informatie onthoudt over wat elders aangeboden wordt,
ongeacht of het goed of minder goed is, ongeacht of het dichtbij of
veraf is, ongeacht de kwaliteit van het geboden onderwijs en onderzoek,
vertoont juist geen enkele openheid. En dat is des te erger omdat het
katholiek onderwijs leeft van subsidies die haar worden verleend door
de seculiere staat die juist gedragen wordt door principes van
openheid, transparantie en pluralistische seculariteit. Daarom richt
dit debat zich ook tot de politieke verantwoordelijken. Nog maar pas
werd door de minister van Onderwijs het einde van de schoolkwestie
aangekondigd door 'de lat gelijk te leggen' voor alle netten. Dat zou
echter ook moeten betekenen dat niet alleen het financiële debat, maar
ook het inhoudelijke debat is beslecht en dat alle door de
belastingbetaler gesubsidieerde onderwijs handelt als een openbare
dienstverlener die elke jonge burger informeert over de volledige
diversiteit van onze open samenleving. Er is geen enkele reden - en het
is aan de minister om daarop toe te zien - om publieke gelden te
stoppen in sectaire en particuliere projecten. Onze houding is heel
anders, beste Mieke Van Hecke: als er verschillende visies zijn, dan
worden die op een gepaste wijze met elkaar geconfronteerd. Gaat het om
wetenschappelijke controverses dan moeten wetenschappers en peers
elkaar overtuigen overeenkomstig de gebruiken en geplogenheden van hun
disciplines, voorbij de zuilen, voorbij de grenzen.. Gaat het om
debatten over waarden, dan bestaan daar andere kanalen voor zoals de
politiek en de media. Gaat het om informatie aan jonge mensen, dan
moeten wij proberen die een zo breed en eerlijk mogelijk palet aan
mogelijkheden voor te leggen. Zo hoort het in een democratische en open
samenleving.
Dit zijn de principes waarvoor wij aan de VUB staan.
Jan Danckaert, Serge Gutwirth, Jean Paul Van Bendegem, Jenneke
Christiaens, Eric Corijn en Jan Steyaert zijn verbonden aan de VUB
© 2007 Corelio
Publicatie: De Standaard /
Publicatiedatum: 6 december 2007