Personal tools
You are here: Home Als verzuiling macht wordt
Document Actions

Als verzuiling macht wordt

by Jan Roos last modified 2007-12-06 18:40

Zes hoogleraren aan de VUB zijn behoorlijk boos op Mieke Van Hecke die vindt dat laatstejaars uit het vrij onderwijs geen informatie moeten krijgen over de Brusselse universiteit. 'Er is geen enkele reden om publieke gelden te stoppen in sectaire en particuliere projecten.'

In De Standaard van 3 december 2007 opende een artikel met als titel 'Geen info over de VUB, dat is maar normaal' als volgt: 'Dat de laatstejaars die over hun verdere studiekeuze nadenken, verstoken blijven van informatie over de vrijzinnige VUB vindt Mieke Van Hecke, directeur-generaal van het katholieke onderwijs, niet meer dan normaal.' Voor Mieke Van Hecke lijkt kwaliteit bijgevolg geen doorslaggevend element in de keuze van een universiteit of een hogeschool. Wat doorweegt, is 'dat we op zoek gaan naar hogescholen en universiteiten die onze waarden delen'. De vraag is natuurlijk in hoeverre 'waarden' verenigbaar zijn met de kwaliteit van onderwijs en onderzoek. Was het niet Galilei die de gevolgtrekkingen uit zijn experimentele waarnemingen moest inslikken voor een kerkelijk tribunaal dat tot taak had de waarheden in de pas te doen lopen van de waarden? Het voorval drukte symbolisch uit hoe sterk het ontwikkelen van wetenschappelijke kennis verschilt en moet verschillen van het koesteren van waarden en het toetreden tot een geloof. De scheiding van wetenschappelijke onderzoek, het voeren van politiek en het belijden van geloof - die elk beantwoorden aan andere criteria - is door de eeuwen heen geëvolueerd tot een van de belangrijkste garanties van de rijkdom van de westerse civilisatie. De verklaringen van Mieke Van Hecke en vooral de nieuwe richtlijnen van het Vaticaan zijn dan ook zorgwekkend in de mate dat zij die fragiele evenwichten ongegeneerd van tafel vegen. De katholieke waarden lijken opnieuw te prevaleren op de kwaliteit van het onderwijs en de wetenschappelijke kennis, in de mate zelfs dat het kennisnemen van de programma's van niet-katholieke onderwijsinstellingen aan de leerlingen van het katholiek secundair onderwijs wordt ontzegd. Dit alles is des te zorgwekkender omdat deze uitspraken niet alleen staan. In Vlaanderen zijn het 'creationisme' en de 'intelligent design' aan een opgang bezig. En wat te denken van het feit dat de rectoren van de Belgische Katholieke universiteiten zich, niet eens zo lang geleden, inzake onderzoeksgerelateerde bio-ethische kwesties bij de paus moesten verantwoorden? Het voorgaande plaatst ernstige vraagtekens bij de verzuiling van wetenschap en onderwijs. Maar naast deze gevaarlijke injectie van de katholieke waarden in de sfeer van wetenschap en onderwijs, speelt nog een andere factor een belangrijke rol. Die factor heet 'macht', zelfs al noemt Mieke Van Hecke het eufemistisch 'normale verzuiling'. Inderdaad: sinds de vorming van de universitaire associaties op basis van levensbeschouwing heeft de verzuiling effectief weer haar intrede gedaan in het hoger onderwijs in Vlaanderen. De katholieke hogescholen horen bij Leuven, onafhankelijk waar ze gevestigd zijn, wat maakt dat de Leuvense associatie zich, gesteund door het katholieke establishment, heeft ontwikkeld tot een netwerk dat heel Vlaanderen bedekt. Voor de hand liggende samenwerkingsverbanden, zoals bijvoorbeeld tussen de VUB en KUB, werden streng gekapitteld. 'Waarom wordt er over verzuiling zo negatief gedaan?', klinkt dan, gegeven de machtsverhoudingen, een beetje raar, zeg maar 'tsjeverig'. 'Normale verzuiling' wordt dan een schroomloze bulldozer in een landschap van fijne door de geschiedenis geweven evenwichten. 'Een open, katholieke zuil is toch geen probleem?' Natuurlijk is openheid geen probleem. Dat een school verankert in zijn buurt, dorp, stad of regio is evident. Maar een zuil die bewust zijn leerlingen informatie onthoudt over wat elders aangeboden wordt, ongeacht of het goed of minder goed is, ongeacht of het dichtbij of veraf is, ongeacht de kwaliteit van het geboden onderwijs en onderzoek, vertoont juist geen enkele openheid. En dat is des te erger omdat het katholiek onderwijs leeft van subsidies die haar worden verleend door de seculiere staat die juist gedragen wordt door principes van openheid, transparantie en pluralistische seculariteit. Daarom richt dit debat zich ook tot de politieke verantwoordelijken. Nog maar pas werd door de minister van Onderwijs het einde van de schoolkwestie aangekondigd door 'de lat gelijk te leggen' voor alle netten. Dat zou echter ook moeten betekenen dat niet alleen het financiële debat, maar ook het inhoudelijke debat is beslecht en dat alle door de belastingbetaler gesubsidieerde onderwijs handelt als een openbare dienstverlener die elke jonge burger informeert over de volledige diversiteit van onze open samenleving. Er is geen enkele reden - en het is aan de minister om daarop toe te zien - om publieke gelden te stoppen in sectaire en particuliere projecten. Onze houding is heel anders, beste Mieke Van Hecke: als er verschillende visies zijn, dan worden die op een gepaste wijze met elkaar geconfronteerd. Gaat het om wetenschappelijke controverses dan moeten wetenschappers en peers elkaar overtuigen overeenkomstig de gebruiken en geplogenheden van hun disciplines, voorbij de zuilen, voorbij de grenzen.. Gaat het om debatten over waarden, dan bestaan daar andere kanalen voor zoals de politiek en de media. Gaat het om informatie aan jonge mensen, dan moeten wij proberen die een zo breed en eerlijk mogelijk palet aan mogelijkheden voor te leggen. Zo hoort het in een democratische en open samenleving.
 Dit zijn de principes waarvoor wij aan de VUB staan.

 Jan Danckaert, Serge Gutwirth, Jean Paul Van Bendegem, Jenneke Christiaens, Eric Corijn en Jan Steyaert zijn verbonden aan de VUB


 © 2007 Corelio
 Publicatie: De Standaard /
 Publicatiedatum: 6 december 2007